Stop met vaagtaal - voorkom misverstanden in je beleid

Beleidsstukken staan er vol mee: vaagtaal en containerbegrippen. Denk aan woorden als sociale basis, het voorliggend veld, integrale aanpak of verbinding. Het klinkt beleidsmatig en iedereen knikt instemmend.

Maar vraag drie lezers wat er bedoeld wordt, en je krijgt drie verschillende antwoorden. Precies dat maakt vaagtaal en containerbegrippen riskant: ze geven de schijn van duidelijkheid, terwijl ze in werkelijkheid verwarring scheppen.

Waarom vage begrippen een probleem zijn

Containerbegrippen lijken handig: niemand kan er tegen zijn, ze roepen geen weerstand op, en ze passen mooi in een beleidsnota. Toch veroorzaken ze problemen:

  • Iedereen leest er iets anders in. Voor de een betekent ‘sociale basis’ steun voor vrijwilligers, voor de ander een wijkcentrum, voor een derde een vangnet in de zorg.

  • Besluiten worden op drijfzand genomen. Een raad of college keurt beleid goed, zonder dat duidelijk is wat er concreet gaat gebeuren.

  • De uitvoering loopt vast. Partners of inwoners verwachten iets anders dan wat er eigenlijk bedoeld was.

Het gevaar is dus niet dat containerbegrippen te vaag zijn om door te komen. Het gevaar is juist dat ze zó vanzelfsprekend klinken dat niemand ze in twijfel trekt.

Een praktijkvoorbeeld

In een beleidsnota stond: “We versterken de sociale basis.”

  • Voor de wethouder betekende dat: meer steun voor vrijwilligersorganisaties.

  • Voor een beleidsadviseur zorg: betere samenwerking met huisartsen.

  • Voor inwoners: kortere wachtlijsten bij specialistische hulp.

Allemaal legitieme interpretaties. Maar totaal verschillende verwachtingen.

En dat leidt onvermijdelijk tot gedoe. Want als later blijkt dat iedereen iets anders dacht, roept dat frustratie op, kost het tijd en vertraagt het beleid.

Waarom gebruiken we vaagtaal dan toch?

Vaak niet bewust. Er zijn drie veelvoorkomende redenen:

  1. Het voelt veilig. Hoe algemener je schrijft, hoe kleiner de kans dat iemand zich verzet.

  2. Het is snel. Een containerbegrip is in één woord gezegd, details uitwerken kost meer tijd.

  3. Het is vakjargon. Binnen een afdeling weet iedereen wél wat ermee bedoeld wordt, maar daarbuiten niet.

Hoe maak je vaagtaal concreet?

Vijf manieren om vage woorden terug te brengen naar de praktijk:

  1. Definieer wat je bedoelt. Leg kort uit wat een begrip in dit stuk inhoudt. Schrijf: “Met sociale basis bedoelen we de wijkcentra en vrijwilligersinitiatieven die inwoners ondersteunen.”

  2. Maak het meetbaar. Voeg cijfers of tijdspaden toe: “We willen dat in 2026 elke wijk een eigen ontmoetingsplek heeft.”

  3. Vertaal het naar acties. Beschrijf wie iets doet en hoe: “De gemeente organiseert elk kwartaal overleg met scholen en zorginstellingen.”

  4. Test bij een buitenstaander. Vraag een collega van een andere afdeling of je buurvrouw wat zij onder de term verstaan. Krijg je drie verschillende antwoorden? Dan is je tekst nog te vaag.

  5. Schrap als het niet werkt. Soms is de eerlijkste keuze: weg met het containerbegrip, kies een concreet alternatief.

Tot slot

Containerbegrippen en vaagtaal lijken handig. Ze geven de indruk dat iedereen het eens is. Maar die schijnbare overeenstemming is gevaarlijk. In werkelijkheid legt elke lezer er iets anders in.

Wil je beleid dat begrepen én uitgevoerd wordt? Maak je tekst concreet. Dan weet iedereen wat je bedoelt: van collega tot raadslid, van bestuurder tot inwoner.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.